Kerstverhaal: Zoals dat bij de ritten van club Bello tegenwoordig de gewoonte is geworden, wordt er ruim voor het vertrek bij de Spar een stukjesschrijver aangewezen en tevens de route vastgesteld en overeenstemming over het koffieadres verkregen. Dat’s fijn want dan weet een ieder waar die aan toe is. Ben je alleen bij het vertrek is het helemaal eenvoudig. Gelukkig overkwam mij dat vanmorgen na een afwezigheid van vele weken (wegens buiten-fiets-motivatie-problemen) niet. Coen stond al klaar toen ik aankwam en ook Wiebe liet het natuurijs liggen voor wat het was en kwam op de ATB. Daar bleef het verder bij, zodat ik met kloppend hart (op zich is dat goed, maar het moet niet te snel gaan) achter deze cracks aanfietste. Mijn angst werd bewaarheid, want het tempo werd gelijk flink opgeschroefd. Met soms Coen maar meestal Wiebe voorop ging het richting Loenen waarna we koffie zouden gaan drinken bij Residence Victoria. Na lange afwezigheid hing ik uiteraard hijgend aan het elastiek, waardoor ik binnen een half uur op een splitsing de beide mannen uit het zicht was verloren. Linksaf-rechtsaf? Geen idee! Geroepen, sporen gezocht en een stukje teruggefiets of er ook een richtingbordje stond. Maar ja met die jongens weet je het wel. Binnen de kortste keren waren we van het ATB-pad afgeweken op paden waar geen bordjes staan. Roepen en fluiten hielp allemaal niet. Beode paden een stukje af fietsen ook niet. Tenslotte maar de telefoon gepakt en Wiebe gebeld. Wiebe kon tot zijn tevredenheid vaststellen, dat het hem gelukt was om niet alleen mij maar ook Coen van zich af te schudden. Met Wiebe afgesproken om op de Elsberg weer samen te komen, wat nog niet zo eenvoudig is als je geen idee hebt waar je bent. Met de tip van Wiebe om de zon in de gaten te houden (ja, die zon was er inmiddels ook) en de wetenschap in welke 100 vierkante kilometers ik mij bevond, lukte het mij om de Schaapsallee te vinden en dus ook de weg naar de Elsberg. Bijkomend probleem was nog, dat ik Wiebe had horen praten over de Schaatsallee en die kende ik niet. Wiebe bleek inderdaad bij de Elsberg te staan. Coen was, nadat hij op mij had staan wachten Wiebe uit het oog verloren en was toen maar op eigen gelegenheid richting Residence Victoria aan het fietsen. Daar hebben wij elkaar bij heerlijke koffie en een warme appelbol weer teruggevonden. Nadat onze vreugdetranen gedroogd waren, gingen wij nu gezamenlijk en met de afspraak bijeen te blijven weer op weg. Dat lukte uiteindelijk wel, maar het kostte wel zeer veel moeite. Eerst probeerde Coen door het krijgen van een groot aantal lekke banden om stiekem alleen in het bos achter te blijven. Pas nadat hij van mij een echte klassieke dubbeldikke potdicht-binnenband had gekregen ging het wat beter. Eindelijk konden wij eens gaan genieten van de prachtige natuur om ons heen. Zo zou alles toch nog goed komen dacht ik …… Helaas bleken Wiebe en Coen niet in staat om enig medegevoel met een verloren gewaande ploegmaat te hebben. Het tempo werd zodanig opgevoerd dat ik uitsluitend nog twee vlekken in een roze mist voor mijn ogen kon ontwaren. Met de moed der wanhoop volgde ik deze vlekken, biddend dat het Coen en Wiebe zouden zijn en niet twee naar Ede (of waar dan ook) terugkerende andere ATB’ers. Uiteindelijk herkende ik de achterkant van de Jutberg weer en wist dat het lijden zo over zou zijn. Toch wel zeer genoten van deze prachtige en niet al te koude witte wereld. Misschien niet meer zo mooi als gisteren (Fred!), maar voor mij mooi genoeg. Via deze weg wens ik alle Bello’ers hele fijne Kerstdagen. Misschien zie ik enkel van jullie nog op de 30ste: anders ook een hele goede jaarwisseling en een voorspoedig 2008. Willem.
2030390cookie-checkKerstverha